U bent hier:
  1. Home
  2. Nieuws
  3. Opinie
  4. Bekijk


Inspirerende koopman-koning

Hoewel het topsectorenbeleid een goede stap is, krijgt onze maakindustrie lang niet altijd de aandacht die ze verdient, afgemeten aan bijvoorbeeld haar economische (export)waarde. Gelukkig zijn er soms van die evenementen waar de maakindustrie wel volop in de schijnwerpers staat. Zo mocht ik op 8 mei op de Floriade in Venlo de uitreiking van de Koning Willem 1-prijs bijwonen. Aansprekend was...

Column

Wees op tijd met de Bom

25 januari 2012

Een stuklijst of bill of materials (Bom) is ontegenzeggelijk het belangrijkste onderdeel van product lifecycle management (PLM). Hoe het eindproduct eruitziet als het aan de klant wordt geleverd, wordt volledig bepaald door de Bom. In het productrealisatietraject is echter niet sprake van één Bom, maar van een Bom-evolutie die uiteindelijk leidt tot de fysieke assemblage van een product. Over het algemeen wordt binnen de PLM-wereld gesproken over een EBom (engineering-Bom) en een MBom (manufacturing-Bom). Ik zou er voor de mechatronica en elektronica nog een aan toe willen voegen: de preliminary-Bom of PBom, die reflecteert hoe een product conceptueel is ontworpen.

Laat ik eerst even kort de begrippen uitleggen. De EBom weerspiegelt hoe een product functioneel is ontworpen en ontstaat bij de producteigenaar. De EBom wordt uiteindelijk overgedragen aan een producent die er een MBom van maakt. De MBom reflecteert hoe een product fysiek wordt gemaakt. De inhoud kan afwijken van wat er in de EBom staat. De producent gebruikt weliswaar de EBom van zijn klant, maar kan er hulpmiddelen aan toevoegen (lijm, draad, conformal coating, stickers) of de structuur anders opbouwen (subassemblages met phantom-Boms). Ook maakt hij een definitieve componentenkeuze uit de beschikbare alternatieven. Daar komt de PBom naar voren.

Elektronicaontwerpers en lay-outengineers hebben, in principe, een vrijwel ongelimiteerde keuze uit zo’n 65 miljoen verschillende, commercieel beschikbare componenten. Ook voor mechatronicatoepassingen zijn er reusachtige hoeveelheden standaard componenten op de markt verkrijgbaar. De meeste bedrijven beperken die keuze uiteraard drastisch, maar de vraag is in hoeverre die beperking in lijn ligt met de keuzebeperking die de assemblagebedrijven zichzelf noodzakelijkerwijs hebben moeten opleggen. Zelfs de grootste assembleurs ter wereld hebben immers maar een fractie van het marktaanbod op voorraad. Voor een gemiddeld assemblagebedrijf houdt het met enige tienduizenden wel op.

De ontwerpers zijn er daarom bij gebaat de evaluatie van een beoogde stuklijst door een producent onderdeel te maken van het ontwikkelproces. Alleen dan weten ze vroeg in het proces of gekozen componenten bij de producent op voorraad of snel beschikbaar kunnen zijn en of er goede alternatieven zijn.

Daarmee is de noodzakelijke informatie zeker niet compleet. De wereldwijde pool van commercieel beschikbare componenten is turbulent. Er komen nieuwe bij en er vallen er af waardoor ze end of life of obsoleet worden. Externe omstandigheden beïnvloeden beschikbaarheid, levertijd en prijs. Er vindt component recoding plaats door bedrijfsovernames of de wetgeving wijzigt (denk aan Rohs). Ook kunnen producenten in hun assemblageproces of field support kwaliteitsproblemen hebben ondervonden.

Het gebruik van een PBom ondersteunt een vroegtijdige Bom-afstemming en maakt het in de dynamische fase van het ontwikkelproces mogelijk zonder grote overhead snel te reageren - ook binnen een formele PLM-omgeving. Is eenmaal de definitieve inhoud van de PBom bepaald, dan wordt deze omgezet in een formele EBom die de gewenste componenten met volledige en juiste informatie bevat. Enerzijds reduceert dit al vóór de uitrolfase de foutkans tot een minimum. Het voorkomt een hoop gedoe bij de producent, wat onnodige vertragingen en - als ultieme consequentie - een onvoorzien redesign tot gevolg kan hebben.

Anderzijds krijgt de producent door het vroegtijdige en gebalanceerde Bom-aanscherpproces meer tijd, met als resultaat een wezenlijk kortere productievoorbereidingstijd. Prototypes en serieproducten zijn van betere kwaliteit en worden in kortere tijd geleverd. Verder is er voldoende tijd om nieuwe componenten te sourcen, de componentenadministratie op orde te brengen (ERP) en bij exoten of nieuwe technologieën de impact daarvan op de productie en test te overzien.

Een foute componentenkeuze kan niet te overziene gevolgen hebben. Door vroegtijdig de mogelijke componenten en alternatieven af te stemmen met de producent en dit gaandeweg de ontwikkeling en engineering te blijven doen, kunnen Bom-risico’s tot een minimum worden beperkt. Niemand kan zich nog kwalijke verrassingen veroorloven.

Jan Keijzer

Terug naar overzicht


Jan Keijzer is directeur van Adeon Software House.


© Mechatronica Magazine | Deze pagina op internet: http://www.mechatronicamagazine.nl/nieuws/opinie/bekijk/artikel/wees-op-tijd-met-de-bom.html